All the Zanzibar Group films were made in 1968, regardless of their date. I cut Serge Bard’s Détruisez-vous, which had been financed by Sylvina’s brother, and then she and I met at the screening and she asked, “Why don’t you make a film? I’ll give you all the money you need.” From this came Deux fois. We were influenced by Andy Warhol, and we were closer in spirit to the Factory than to the French New Wave. We thought of ourselves as the New New Wave. We were questioning the rules: of having great actors play in films, of plot, of the relationship between image and words. — Jackie Raynal
Elk van ons draagt eigen ervaringen van de wereld met zich mee — we benaderen elke film met referenties en aannames waarvan we ons misschien niet eens bewust zijn. Het volgende programma bestaat uit twee films die niet alleen de regels van acteurs, plot en de beeld-woord relatie in vraag stellen. Ze nodigen ons ook uit om kritisch te bevragen hoe we in aanraking komen met wat ons getoond wordt. De camera fungeert als metgezel, soms spottend begroet met een glimlach. De gebruikelijke signalen van dialoog of narratieve samenhang worden plotsklaps opgeschort. We hunkeren naar interpretatie, maar worden gedwongen te kijken. En opnieuw te kijken. ‘Betekenis’, of wat we zijn gaan beschouwen als ‘betekenis’, wordt nooit echt vastgezet. Zwevend tussen publieke en private sferen, worden het geënsceneerde en het dagboekvormige steeds moeilijker te ontcijferen. Ze ontwijken de definities van wat performance is of kan zijn; ze ontwijken de definities van wat een film is of kan worden.
In the presence of Jackie Raynal
Curated by Natalia Orasanin
In collaboration with EQZE — Elías Querejeta Zine Eskola
Thanks to Petra Belc, Nikola Krstić, Bata Petrović, Collectif Jeune Cinéma and The Alternative Film Archive of Academic Film Center Belgrade
Krstićs reisdagboeken van een uitzicht — gezien door een raam — en uiteindelijk een straat in een stad. Belićs thuisdagboeken, waar ze staat, poseert en haar spiegelbeeld filmt in een slaapkamerspiegel. De titel doet denken aan een wevende Penelope die wacht op de terugkeer van haar man Odysseus — hoe ze elke nacht draad ontrafelt terwijl een rij aanbidders zich ophoudt aan haar deur. Met uitzondering van Penelopa 77 en de film Pieta uit 1972 zijn naar verluidt alle 11 films van Belić verloren gegaan. Het essay van Jovan Jovanović over Belić uit 1985 is een van de weinige documenten die de reikwijdte van haar werk voor haar dood in 1986 beschrijft. Hij schrijft: “In 1977 trok Biljana Belić zich, samen met Dragiša Krstić, terug uit de cineclub uit protest tegen de (Joegoslavische) instituten voor niet-professionele cinema — met name de jury’s — en begon amateurcinema te organiseren. Samen richtten ze de Family Workshop for Filmmaking and Film Distribution op, waarbinnen Penelopa 77 tot stand kwam.” De film wordt grotendeels als onvoltooid beschouwd, maar is ons alleen zo bekend.
Jackie Raynal begon haar filmcarrière als filmeditor in de vroege jaren 1960. Haar regiedebuut in 1968 ontstond binnen de tijdelijke maar vitale Zanzibar-groep, die gefinancierd werd door de erfgename Sylvina Boissonnas. De film situeert zich in Barcelona, en ontvouwt zich via scènes die elke lineaire progressie afwijzen, veeleer geleid door wat wel een geheime logica lijkt. Een knoop van betekenis raakt ontward, en het kijken wordt een spel. Wat als herhaling zich losmaakt van alle dominante structuren van zijn? Wat als ‘steek houden’ tot het uiterste wordt doorgevoerd en de vorm van de film zelf doordringt — of beheerst? Misschien schuilt er een plezier in één keer, twee keer, of telkens opnieuw kijken. Raynal, in de hoofdrol van de film, begint met de camera — of ons — precies te vertellen wat er zal gebeuren. Toch is niets helemaal zoals je zou denken.



